Wayfinding
Sterren meten populariteit, niet kwaliteit.
We rangschikken keuzedelen binnen dezelfde groep (zelfde niveau + zelfde aard, bv "Verdiepend op niveau 4").
- Top 5% → ★★★★★
- Top 25% → ★★★★
- Top 50% → ★★★
- Top 75% → ★★
- Rest → ★
- <20 studentkeuzes → geen sterren
Score = 40% volume + 30% breedte + 30% conversie.
Bron: DUO MK11-peildatum 2025-11-25. Een keuzedeel met weinig sterren is niet automatisch slecht — het kan nieuw of niche zijn.
Zelf bouwen of inkopen?
Beschikbaar bij
Nog geen aanbieder bekend bij ons voor dit keuzedeel.
Mogelijk leveren een of meer van onze 4 bekende aanbieders (Boom, Savantis, Uitgeversgroep, All You Can Learn) dit keuzedeel ook — we hebben hun volledige aanbod nog niet gekoppeld. Bekijk alle aanbieders →
Algemene informatie
Beschrijving van het keuzedeel
Relevantie
Toelichting
Uitwerking
1 kerntaak, elk met 0 werkprocessen. Klik om uit te klappen.
D1-K1
Ontwikkelt een wayfindingsontwerp
5 werkprocessen
· 14 kennis/vaardigheden
▼
Complexiteit
De beginnend beroepsbeoefenaar moet kunnen achterhalen hoe bezoekers zich in onbekende ruimtes oriënteren. Hij moet op basis daarvan een strategie bedenken voor hoe bezoekers makkelijk de weg gaan vinden. De complexiteit wordt bepaald door de accuraatheid van de oriëntatie-inschatting en de vertaling daarvan naar een optimale wayfindingsstrategie. Het gaat in het algemeen om niet-routinematig werk omdat elke ruimte zijn specifieke kenmerken heeft. Hiervoor zijn specialistische kennis en vaardigheden nodig.
Verantwoordelijkheid en zelfstandigheid
De beginnend beroepsbeoefenaar werkt zelfstandig aan de uitwerking van de wayfindingsvraag, -oplossingmogelijkheden en uiteindelijke -vormgeving. Bij kleinere opdrachten is hij zelf verantwoordelijk voor het ophalen en verwerken van alle relevante informatie. Bij grotere opdrachten werkt hij zelfstandig aan een deelopdracht en stemt die af met het team. Hij is verantwoordelijk voor de kwaliteit en continuïteit van zijn eigen werk. Zijn werkzaamheden vallen onder de eindverantwoordelijkheid van zijn leidinggevende.
Vakkennis en vaardigheden
De beginnend beroepsbeoefenaar:
- § heeft specialistische kennis van de wijze waarop mensen zich oriënteren in een ruimte (cognitieve kaart)
- § heeft specialistische kennis van menselijk gedrag in onbekende ruimtes
- § heeft specialistische kennis van de wijze waarop mensen van plaats naar plaats navigeren
- § heeft specialistische kennis van hoe mensen eerdere ervaringen gebruiken in onbekende ruimtes
- § heeft specialistische kennis van hoe mensen afstanden, locaties en tijd in hun geheugen opslaan
- § heeft specialistische kennis van wayfindingstheorieën
- § heeft specialistische kennis van een diversiteit aan wayfindingsstrategieën
- § heeft specialistische kennis van bewegwijzering en routing
- § heeft kennis van identiteit en zichtbaarheid
- § kan ruimtes analyseren om de kenmerkende wayfindingselementen in samenhang te achterhalen
- § kan de samenhangende wayfindingselementen van een ruimte interpreteren om mogelijke wayfindingsstrategieën te
- bepalen
- § kan onderzoek doen om te komen tot optimale opties voor wayfindingsstrategieën
- § kan wayfindingsstrategieën ontwikkelen voor een grote variatie aan ruimtes
Werkprocessen (5)
D1-K1-W1 Voert analyse en onderzoek uit naar doel en ruimte ▼
Omschrijving
De beginnend beroepsbeoefenaar stelt op basis van de input van de opdrachtgever vast wat het doel van de te ontwikkelen wayfinding is. Waar nodig stelt hij hier aanvullende vragen over zodat er geen misverstand over is. Hij analyseert de ruimte waarvoor de wayfinding ontwikkeld moet worden; wat is de aard van de ruimte in relatie tot het doel van wayfinding. Hij onderzoekt welke kenmerken in de ruimte de wayfinding kunnen beïnvloeden. Hij schetst een beeld van die zaken in de ruimte die kunnen bijdragen of afleiden van wayfinding.
Resultaat
Er is een beeld van wat in de ruimte al dan niet bijdraagt aan de beoogde wayfinding.
Gedrag
- weet snel en vakkundig te achterhalen in hoeverre de input van de opdrachtgever volstaat en wat aanvullend nodig is
- zoekt grondig uit wat de betekenis is van elementen in en van de ruimte, in combinatie met elkaar en met het doel
- maakt op basis van de analyse een adequate, samenhangende inschatting van de situatie
- De onderliggende competenties zijn: Vakdeskundigheid toepassen, Analyseren
Onderliggende competenties
D1-K1-W2 Formuleert wayfindingsstrategieën ▼
Omschrijving
De beginnend beroepsbeoefenaar onderzoekt wat het denkproces en het gedrag kan zijn dat mensen in de betreffende ruimte vertonen. Hij gaat bij een brede doelgroep na hoe zij zich in de ruimte oriënteren en bewegen. Hij zet de meest voor de hand liggende denkprocessen en gedragingen op een rijtje. Hij formuleert opties voor wayfindingsstrategieën. Hij bepaalt welke strategie het beste bij de ruimte en doelgroep past.
Resultaat
Alle reële opties voor wayfindingsstrategieën zijn benoemd. Duidelijk is welke het best past.
Gedrag
- De beginnend beroepsbeoefenaar:
- onderzoekt grondig hoe mensen zich in een ruimte gedragen en waarom op die manier
- gebruikt zijn vakkennis om de bevindingen in een logisch theoretisch kader te plaatsen
- vertaalt het theoretisch kader vakkundig en helder naar weloverwogen, reële wayfindingsstrategieën
- neemt een doordachte beslissing voor een strategie, alle relevante opties in ogenschouw nemend
- De onderliggende competenties zijn: Vakdeskundigheid toepassen, Onderzoeken, Beslissen en activiteiten initiëren
Onderliggende competenties
D1-K1-W3 Bedenkt een concept voor wayfinding ▼
Omschrijving
De beginnend beroepsbeoefenaar werkt op basis van de wayfindingsstrategie een aantal ideeën uit over mogelijke wayfindingsconcepten. Hij legt deze terug bij collega's en/of deskundigen. Op basis van deze input en discussie erover komt hij met een concept voor routing en basiskenmerken voor wayfinding-uitingen.
Resultaat
Er ligt een concept voor wayfinding.
Gedrag
- De beginnend beroepsbeoefenaar:
- toont vakkundig inzicht bij de uitwerking van de ideeën voor wayfindingsconcepten
- legt mogelijkheden voor aan anderen, vraagt hun mening en ideeën, spart over opties
- maakt bewuste keuzes en hakt verantwoord knopen door voor het uiteindelijke concept
- De onderliggende competenties zijn: Beslissen en activiteiten initiëren, Samenwerken en overleggen, Vakdeskundigheid
- toepassen
Onderliggende competenties
D1-K1-W4 Maakt het ontwerp voor wayfinding ▼
Omschrijving
De beginnend beroepsbeoefenaar werkt het concept voor wayfinding uit in een aantal mogelijke realisaties. Hij legt de diverse opties voor aan collega's en/of deskundigen en aan de opdrachtgever. Hij test de opties uit bij de potentiële doelgroep. Hij achterhaalt zo zwakke en sterke punten en verwerkt deze in de verdere uitwerking. Hij herhaalt dit proces totdat duidelijk is welk ontwerp het beste past. Hij werkt dat ontwerp concreet uit in routing, wayfinding-uitingen en plekken waar deze moeten komen.
Resultaat
Er ligt een degelijk, onderbouwd ontwerp voor wayfinding met routing, uitingen en plekken.
Gedrag
- D1-K1-W4: Maakt het ontwerp voor wayfinding
- De beginnend beroepsbeoefenaar:
- laat in zijn keuzes en werkwijze voor het ontwerp zien te beschikken over specialistische wayfindingskennis
- legt mogelijkheden realistisch voor aan collega's en/of deskundigen
- onderzoekt grondig bij de doelgroep wat wel en niet werkt
- levert de beoogde kwaliteit; de doelgroep arriveert zonder moeite op tijd op de plek van bestemming
- De onderliggende competenties zijn: Samenwerken en overleggen, Vakdeskundigheid toepassen, Onderzoeken, Kwaliteit leveren
Onderliggende competenties
D1-K1-W5 Presenteert het wayfindingsontwerp ▼
Omschrijving
De beginnend beroepsbeoefenaar gaat na hoe hij het ontwerp voor wayfinding het meest reëel kan presenteren. Hij bedenkt een aantal opties en gaat na welke het best past in de gegeven situatie. Hij laat mogelijkheden aan collega's en/of deskundigen zien en laat ze kritische vragen stellen over het hoe en waarom van gemaakte keuzes zodat hij goed beslagen ten ijs komt bij de opdrachtgever. Hij presenteert het ontwerp aan de opdrachtgever. Hij weet hierbij vooral uit te leggen en te onderbouwen waarom er - vanuit de oriëntatie en navigatie van de bezoeker - keuzes zijn gemaakt. Hij kan vragen van de opdrachtgever hierover beantwoorden. Waar nodig gaat hij hierover de discussie aan met de opdrachtgever.
Resultaat
Er ligt een presentatie die helder maakt voor welke wayfindingsoplossing is gekozen en waarom.
Gedrag
- De beginnend beroepsbeoefenaar:
- vertaalt het ontwerp vakkundig naar een presentatie die heel helder weergeeft wat de bedoeling is en waarom
- vraagt grondig feedback aan collega's/deskundigen om te kunnen anticiperen op vragen van de opdrachtgever
- komt met overtuigende, steekhoudende argumenten naar de opdrachtgever
- levert hoge kwaliteit door aan te tonen dat het eindresultaat is gebaseerd op gedegen kennis en onderzoek
- De onderliggende competenties zijn: Samenwerken en overleggen, Overtuigen en beïnvloeden, Vakdeskundigheid
- toepassen, Kwaliteit leveren
- 6 van 6
Onderliggende competenties
Welke scholen geven dit?
Top 1 scholen op aantal studenten dat dit keuzedeel koos.
| School | Studenten | Opleidingen |
|---|---|---|
| Landstede | 5 | 2 |
Welke opleidingen kunnen dit kiezen?
| Kwalificatie | Dossier | Aard | Status |
|---|---|---|---|
| Signspecialist | Signmaking | Verdiepend | |
| Signspecialist | Signmaking (Gewijzigd 2020) | Verdiepend | |
| Signspecialist | Signmaking (Gewijzigd 2024) | Verdiepend |
Heb jij dit keuzedeel gegeven?
Schrijf een review voor collega-onderwijsmanagers en docenten. Verificatie via je school-mailadres.
Stel mij op de hoogte (Release 2)