Maken en beoordelen van een OCT scan
Zelf bouwen of inkopen?
Beschikbaar bij
Nog geen aanbieder bekend bij ons voor dit keuzedeel.
Mogelijk leveren een of meer van onze 4 bekende aanbieders (Boom, Savantis, Uitgeversgroep, All You Can Learn) dit keuzedeel ook — we hebben hun volledige aanbod nog niet gekoppeld. Bekijk alle aanbieders →
Algemene informatie
Beschrijving van het keuzedeel
Relevantie
Toelichting
Uitwerking
1 kerntaak, elk met 0 werkprocessen. Klik om uit te klappen.
D1-K1
Maakt en beoordeelt een OCT scan
3 werkprocessen
· 7 kennis/vaardigheden
▼
Complexiteit
De beginnend beroepsbeoefenaar werkt volgens protocol. Om een goede beoordeling van de OCT scan te maken, moet allereest de scan van voldoende kwaliteit zijn. Hiervoor is het hebben van specialistische kennis van o.a. oogheelkundige afwijkingen die de kwaliteit van de OCT scan kunnen beïnvloeden van belang. Het maken van de scan zelf is niet complex, maar het maken van de keuze ten aanzien van de instellingen van de apparatuur wel. Dit vraagt om specialistische kennis van en vaardigheid met de apparatuur. Een verkeerd uitgevoerde OCT scan betekent bovendien dat deze over moet en dat de patiënt extra wordt belast. Ook vraagt dit extra tijdsinvestering van de beginnend beroepsbeoefenaar. Bij het beoordelen van de OCT scan, voert de beginnend beroepsbeoefenaar een pluis-/niet pluis beoordeling uit. Daarvoor moet de beginnend beroepsbeoefenaar specialistische kennis hebben van de retina en kennis hebben van het normale fundusbeeld. Bij afwijkingen ten opzichte van het normale fundusbeeld moet hij overleggen met de oogarts. Hij moet zijn bevindingen altijd goed kunnen onderbouwen. Hij moet daarbij kunnen omspringen met onverwachte situaties en omstandigheden zoals spoed en/of situaties die afwijken van het protocol.
Verantwoordelijkheid en zelfstandigheid
De beginnend beroepsbeoefenaar werkt zelfstandig en op uitvoerend niveau bij het maken en beoordelen van een OCT scan. Bij afwijkingen ten opzichte van het normale fundusbeeld overlegt hij met de oogarts. Te allen tijde blijft de oogarts eindverantwoordelijk voor de beoordeling van de OCT scan en verdere diagnostisering. De beginnend beroepsbeoefenaar is verantwoordelijk voor de resultaten van zijn eigen werkzaamheden. Hij legt verantwoording af aan zijn leidinggevende over de uitvoering van zijn werkzaamheden. Verder heeft hij indien nodig overleg met collega's om de werkprocessen goed uit te kunnen voeren.
Vakkennis en vaardigheden
De beginnend beroepsbeoefenaar:
- § heeft specialistische kennis van oogheelkundige afwijkingen die de kwaliteit van de OCT kunnen beïnvloeden
- § heeft specialistische kennis van de retina ter beoordeling van OCT’s
- § heeft kennis van een normaal OCT fundusbeeld (macula, papil en periferie)
- § heeft specialistische kennis van de verschillende technieken van de OCT’s (time domain en spectraal domain)
- § heeft kennis van het toedienen van (de juiste) oogdruppels ter voorbereiding op de OCT scan
- § kan volgens protocol hulp inschakelen bij technische of softwarematige OCT storingen
- § kan omgaan met de systemen voor het elektronisch patiënten dossier (EPD)
Werkprocessen (3)
D1-K1-W1 OCT scan maken ▼
Omschrijving
De beginnend beroepsbeoefenaar maakt een technisch goede OCT scan. Dit betekent dat hij de macula en/of de papil en eventueel de periferie goed in beeld heeft. Hij kiest hiervoor de juiste benodigde instellingen van de apparatuur. De beginnend beroepsbeoefenaar gaat na of hij een technisch goede OCT scan heeft gemaakt. Als blijkt dat de OCT scan door toedoen van een oogheelkundige afwijking van technisch onvoldoende kwaliteit is, overlegt hij met de oogarts over de inzet van alternatieve beeldvormende technieken. Hij geeft de patiënt uitleg over het onderzoek en beantwoordt vragen van de patiënt. Op indicatie dient hij oogdruppels toe aan de patiënt.
Resultaat
Er is een technisch goede OCT scan gemaakt en indien nodig heeft er overleg met de oogarts plaatsgevonden wanneer een OCT scan door toedoen van een oogheelkundige afwijking van technisch onvoldoende kwaliteit is.
Gedrag
- D1-K1-W1: OCT scan maken
- Dient bedreven en volgens protocol, op indicatie, oogdruppels toe aan de patiënt
- Bepaalt welke procedures en methodes ingezet dienen te worden om te komen tot een technisch goede OCT scan
- Stemt de wijze van informeren af op de patiënt en kiest daarvoor de juiste kanalen
- Wekt vertrouwen bij de patiënt op basis van zijn deskundigheid
- Installeert de patiënt met een prettige en functionele houding achter het OCT apparaat
- Bedient de apparatuur volgens protocol
- Beoordeelt de gemaakte OCT scan nauwkeurig
- Overlegt tijdig met de oogarts wanneer een OCT scan door een oogheelkundige afwijking van technisch onvoldoende kwaliteit is
- De onderliggende competenties zijn: Vakdeskundigheid toepassen, Materialen en middelen inzetten, Op de behoeften en
- verwachtingen van de "klant" richten, Instructies en procedures opvolgen, Samenwerken en overleggen
Onderliggende competenties
D1-K1-W2 OCT scan beoordelen op normaal beeld ▼
Omschrijving
De beginnend beroepsbeoefenaar kijkt of er afwijkingen op de OCT scan te zien zijn ten opzichte van een normaal fundusbeeld. Bij afwijkingen of bij twijfel overlegt hij met de oogarts. Hij geeft de patiënt helderheid over het vervolgtraject en beantwoordt vragen van de patiënt.
Resultaat
De OCT scan is op de juiste wijze beoordeeld (normaal beeld aan macula, papil, periferie).
Gedrag
- Overlegt tijdig met de oogarts bij afwijkingen die (direct) handelen vragen en bij twijfel
- Geeft de patiënt begrijpelijke informatie over het vervolgtraject
- Houdt zijn eigen deskundigheid op peil en geeft tijdig bij twijfel zijn grenzen aan de oogarts aan
- Blijft effectief en efficiënt werken in onzekere situaties
- De onderliggende competenties zijn: Vakdeskundigheid toepassen, Kwaliteit leveren, Samenwerken en overleggen
Onderliggende competenties
D1-K1-W3 Patiënt(gegevens) overdragen aan de oogarts ▼
Omschrijving
De beginnend beroepsbeoefenaar draagt de gegevens over aan de oogarts zodat deze een diagnose kan stellen en een behandeling kan starten. Hij licht hierbij zijn oordeel duidelijk toe. De beginnend beroepsbeoefenaar registreert de patiëntgegevens in het patiëntendossier (EPD).
Resultaat
De patiënt is klaar voor diagnostiek en eventuele behandeling door de oogarts.
Gedrag
- Weegt informatie en handelwijzen tegen elkaar af om te komen tot een goed gewogen oordeel
- Maakt bij de overdracht van patiënt of patiëntgegevens onderscheid tussen hoofd- en bijzaken
- Bewaakt zijn eigen deskundigheid en geeft zijn grenzen tijdig aan de oogarts aan
- De onderliggende competenties zijn: Formuleren en rapporteren, Vakdeskundigheid toepassen, Analyseren
- 5 van 5
Onderliggende competenties
Welke opleidingen kunnen dit kiezen?
| Kwalificatie | Dossier | Aard | Status |
|---|---|---|---|
| Technisch Oogheelkundig Assistent | Technisch Oogheelkundig Assistenten | Verdiepend |
Heb jij dit keuzedeel gegeven?
Schrijf een review voor collega-onderwijsmanagers en docenten. Verificatie via je school-mailadres.
Stel mij op de hoogte (Release 2)